Volume 1
De kinderziekten; volgens de nieuwste en belangrijkste ervaringen van Hoogduitsche, Fransche en Engelsche geneesheeren ... / Uit het Hoogduitsch vertaald door H.W. Everts.
- Bressler, Heimann, 1805-1873.
- Date:
- 1844
Licence: Public Domain Mark
Credit: De kinderziekten; volgens de nieuwste en belangrijkste ervaringen van Hoogduitsche, Fransche en Engelsche geneesheeren ... / Uit het Hoogduitsch vertaald door H.W. Everts. Source: Wellcome Collection.
14/308 page 4
![veclvuldiger is het 'braken, waardoor deels het gebruikte , deels een watenV , reukeloos vocht ontlast wordt. Dit braken, of liever uitAverpen van hetgeen de maag bevat, geschiedt »eer ligt, voornamelijk, wanneer de kinderen regt-op rondgedragen worden. Opvallend is bij deze verschijn- selen de uitdrukking van ZAvakte en hevig lijden , Avelke de kleinen toonen, en die met den duur der ziekte en de hevigheid der verschijnselen volstrekt in geene verhouding staan. De kinderen aaorden , namelijk, terstond bij het uitbreken der ziekte, opvallend bleek; de levenskracht [turgor vifatis) zinkt ; de warmte van het ligchaam , voornamelijk van de onderste lede- maten , dank ; de huid is koel en slap, zweet niet meer; de pols Avordt klein , Aveék, min öf meer versneld , blijft eveuAvel regelmatig. Het gezigt Aerliest de uitdrukking der kindedijke o]Ageruimdheid geheel en al; de ge- laatstrekken kenmerken de hoogste afmatting; de oogen aa’orden dof, glas- achtig, met een’ loodkleurigen rand omringd ; de oogappel verAvijdt zich en is mat; aan de opening der neusgaten toont zich een roetkleurig zAvart. Daal bij is het hoofd niet opmerkelijk heet; de polsslag der Caroliden niet verhoogd ; het hei kenningsA ermogen der kinderen niet gestoord, ofschoon zij in een’ droomeiigen toestand schijnen te verheeren ; zij geven geen pijn te kennen ; opgerigt zijnde laten zij het hoofd en ledematen slap nederhangen ; slechts voor oogenblikken Avijkt deze lusteloosheid voor eene voorbijgaande onrust en teekenen van eigenzinnigheid. De dorst is matig; de buik Aveek, pijnlijk noch opgezet; de pis Avordt in gewone hoeveelheid en hoedanigheid geloosd; de toestand der borstorganen is naar behooren. De slaap is onrustig, nu en dan door zamentrekking en krampachtige bcAvegingen der gelaatsspieren en ledematen afgebroken, maar ook in het verdere verloop der ziekte ontstaat er noch slaapzucht (sopo7') noch verlamming , noch eenig ander verschijnsel, uit hetw elk men tot een hydiocephalisch lijden zouden mogen besluiten. Tegen het einde Avordt het gelaat nog steeds bleeker, verkrijgt eene gele schakering en Avasachtige kleur ; de lippen Avorden droog ; de leden koud , roodgevlekt , alsof zij door de vorst aangedaan Avaren ; de pols is naauAvlijks voelbaar; het lijf alleen toont nog Avarmte; braken en doorloop houden zonder verandering aan ; het beAvustzijn bly ft ongekrenkt, en allengskens, zonder hevige ver- schijnselen , houdt het leven op. De ziekte duurt in den regel slechts Aveinige dagen , meestal drie , A’ier, en slechts in enkele gevallen bemerkt men eene langere, voorafgaande on- passelijkheid, w elke zich door braken en doorloop verraadt. In deze enkele gevallen komen eerst tegen het einde der ziekte de overige kenmerkende verschijnselen te voorschijn, zoodat men moet gelooven, dat de kinderen steeds binnen eenige dagen aan de volledig ontwikkelde ziekte sterven. Diagnosis. Tot de ziekten, AA^elke met de bovenbeschrevene min of meer overeenkomst hebben , behooren de volprende : * 1. Doorloop ten gevolge van het t a n d e n-k r ij g e n. Deze zoude des te eerder met de Apoplexia venosa kunnen verAvisseld avorden , daar laatstgenoemde voornamelijk kinderen in de eerste levensjaren, en dik-](https://iiif.wellcomecollection.org/image/b29328494_0001_0014.jp2/full/800%2C/0/default.jpg)


