Volume 1
Alle de brieven van Antoni van Leeuwenhoek / uitgegeven, geïllustreerd en van aanteekeningen voorzien door een Commissie van Nederlandsche geleerden.
- Antonie van Leeuwenhoek
- Date:
- 1939-
Licence: Public Domain Mark
Credit: Alle de brieven van Antoni van Leeuwenhoek / uitgegeven, geïllustreerd en van aanteekeningen voorzien door een Commissie van Nederlandsche geleerden. Source: Wellcome Collection.
60/508 page 54
![Bloedzuigen door de luis. Jck heb voor desen geseijt vande Luijs, sijn angel32) etc. ick kan hier mede niet naerlaten, een weijnich te seggen, van tgene ick inde Luijs selver heb gesien, k heb te meermalen, een hongerige Luijs op mijn hant geseth, om het bloet uijt mijn hant hem te sien trecken, ende de vordere beweginge van het lichaem, die ick dusdanich heb geobserveert,33) de Luijs sijn angel inde huijt gebracht hebbende, en bloet treckende, gaet het bloet tot voor int hooft, met een Fijn streepje, dit bloet valt in een ruijmer ronde plaats, die ick oordeel dat met lucht vervult is, dese ruijme ronde plaets, na het voorste gedeelte, ontrent de helft met bloet vervult sijnde, schiet alsdan het bloet na achteren, ende de lucht na vooren, dan weder het bloet na achteren, en de lucht weder na vooren, en dit wort met een seer groote snelte gecontinueert, soo langh als de luijs het bloet treckt, uijtgesondert, dat hij tusschen beijden, een weijnich ophout, even als off hij vermoeijt was, ende een weijnich tot sijn verhael quam, (sodanige bewegingh is mijn oordeel in een kint sijn mont, als het aende borst leijt en suijght,)31) van daer gaet het bloet, met een Fijn streepje, tot int midden van het hooft, weder in een ruijme ronde plaets, daer het deselffde bewegingh heeft, van hier gaet het bloet, met een Fijn streepje na de borst, en van daer in een darm35), die na het achterste van het lichaem gaet, en weder met een cromte een weijnich opwaerts gaet, inde borst en darm, wort het onop- houdelijck met groot gewelt beweeght, doch voornamentl. inden darm, en dat met sulcke starcke stotinge neerwaerts aen, ende met het weder te rugh lopen ende incrimpen vanden darm, dat een naeuwkuerich oogh, sich niet genouch verwonderen can, over so- danige beweginge, int bovenste vande cromme opgaende darm die seer naeuw is, wort soo nu en dan een weijnich bloets door ge¬ stoten, dat niet weder te rugh en gaet, (hier vertrouw ick dat een clapvliesje is) dit bloet dat hier doorgestoten is, blijft stil staen, en krijght aenstonts een ander wesen, als het wort waterachtich van 32) Voor een nadere beschrijving van den kop van de luis, zie den brief van 20 December 1693. [H.] 33) Het darmkanaal van de luis is zeer uitvoerig beschreven door J. Swammerdam (Biblia Naturae I (1737) blz. 75 vlg.) en door dien ook uit¬ geprepareerd afgebeeld (Tab. II. fig. III). Hij beschrijft eveneens het bloed¬ zuigen en het veranderen van de kleur van het bloed in de maag. (Ook Hooke schreef over het bloedzuigen, doch vergiste zich hier en daar.) [S.] 34) Leijt en suijght — ligt te zuigen. [M.] 30) Met den darm bedoelt L. de maag (mesenteron). Hij zag niet de twee Windzakken aan de bovenzijde, door Swammerdam met een „vork met twee tanden” vergeleken en evenmin het klierlichaam (Graber, 1872), dat Hooke voor de lever hield en dat door Swammerdam de „buikklier” (pancreas) genoemd is (Biblia Naturae I (1737) blz. 76. Tab. II. fig. V. 1-5). [S.]](https://iiif.wellcomecollection.org/image/b31364962_0001_0060.jp2/full/800%2C/0/default.jpg)


