Handleiding tot de leer van het militair geneeskundig onderzoek (het visiteren) : der manschappen, bij hunne intrede in, en hunne verwijdering uit de dienst : in verband met De ziekten en gebreken, die voorgewend, nagebootst, willekeurig voortgebragt, of voorbedachtelijk verborgen kunnen worden : ten gebruike bij het onderwijs aan 's rijks kweekschool voor militaire geneeskundigen / door A.W.M. van Hasselt.
- Alexander Willem Michiel Van Hasselt
- Date:
- 1856
Licence: Public Domain Mark
Credit: Handleiding tot de leer van het militair geneeskundig onderzoek (het visiteren) : der manschappen, bij hunne intrede in, en hunne verwijdering uit de dienst : in verband met De ziekten en gebreken, die voorgewend, nagebootst, willekeurig voortgebragt, of voorbedachtelijk verborgen kunnen worden : ten gebruike bij het onderwijs aan 's rijks kweekschool voor militaire geneeskundigen / door A.W.M. van Hasselt. Source: Wellcome Collection.
Provider: This material has been provided by the Francis A. Countway Library of Medicine, through the Medical Heritage Library. The original may be consulted at the Francis A. Countway Library of Medicine, Harvard Medical School.
120/350 page 96
![na het sluiten vau het goede oog, iu de nuhijheid kleiue voorwerpea voorhield, zeide hij, die wel te kunnen zien, maar niet rcgt duidelijk; alles noemde hij geheel ver- keerd; een cent was een vijfje; een stuiver was een dubbeltje; een gulden was een rijks-daalder. In de verte ging het eveneens; een boom noemde hij een hek; een paal was een boom; een' voorbijgaanden man hield hij voor eene vrouw; wat meer is, een passerend paard was in zijn oog eene koe! Hij zag alzoo alles anders dan het was; een' volstrekt onbestaanbaren toestand. Bij zulke domme streken zijn na- tuurlijk geene verdere proeven noodig. Daar het oog zelf niets abnormaals aanbood» werd hij onvoorwaardelijk goedgekeurd. 2) Dit is dus ingerigt even als voor het bekende entopiisch onderzoek. Zie daar- over DONDERS, iVed. Lancet, 2 Jrg. 2d<= Serie, enz. Ook vallez heeft op deze proef- neming opmerkzaam gemaakt. 3) EUETE schrijft daarover in zijne reeds aangehaalde Physikalische Untersucliung des Auges, bladz. 5, zakelijk het volgende: Men neme een planhje, ter lengte van 4 voeten en ter breedte van 5 (Par.) duimen. Aan één der uiteinden bevindt zich juist in het midden eene insnijding, waarin de neus-rug kan worden opgenomen. Van uit het middelpunt dezer insnijding is, over de geheele lengte der plank, eene lijn getrokken, die in geheele en halve duimen is afgedeeld. Men plaatse dit werktuig zoodanig i^hetzij op een tafeltje, hetzij op een voetstuk), dat de bovenvlakte er van overeenkomt met de randen der onderste oogleden van den persoon, dien men onderzoekt. Deze moet daarbij regtop zitten, het hoofd onbewegelijk houden en zijnen neus plaatsen in de genoemde insnijding. Nu steke men ééne speld in de gezegde middellijn, op den af- stand van duidelijk zien, eene tweede verder af op 3 a 8|. voet. — Bij normaal ge- stelde wegen zal men waarnemen, dat de gezigts-assen der beide oogen zich.^gelijk- matig snijden, zoowel wanneer men den man beveelt nu eens de voorste, dan weder de achterste speld scherp te fixeren. Bij zioakzigtigheid daarentegen zal alleen de ge- zigts-as van het gezonde oog volkomen gerigt zijn op de spelden, terwijl die van het zwakzigtige oog deze schuins voorbij schiet, en wel gemeenlijk buitenwaarts. [Bij het nemen van deze proef plaatse de waarnemer zich aan het andere uiteinde der plank, om van daar het middelpunt der pupillen van den man, in betrekking tot de spelden, te fixeren]. 4) Eenigzins in overeeukomstigen zin, heeft de Heer kerst ons meermalen de volgende proefneming beschreven: Men geve den vermeenden lijder een dun stokje, of bijv. eene lange pijp , in de regter hand; plaatse hem op een' kleinen afstand regt voor eene eenigzins verheven gestelde brandende kaars, en bevele hem nu het stokje, dat hij eerst regtop midden voor het aangezigt moot houden, zachtjes te laten dalen naar de punt van de vlam dea- kaars: Bij gezigts -zwakte op één der oogen zal dan de schaduw van het stokje niet meer midden op het gelaat blijven vallen, maar bij het zakken van het stokje, meer in de rigtiiig van het sterkere oog worden geworpen. Deze hoogst eenvoudige proef (volgens kerst, niet van zijne, maar reeds van oat^e vinding) voldoet uitnemend aan het oogmerk.](https://iiif.wellcomecollection.org/image/b21057382_0120.jp2/full/800%2C/0/default.jpg)
No text description is available for this image
No text description is available for this image
No text description is available for this image