Dierkundige beschouwingen, eeniger soorten van zeldzame dieren, door naauwkeurige beschryvingen, afbeeldingen en verhandelingen opgeheldert / vertaald, met aanmerkingen verrykt en thans op nieuw in 't licht gebragt [door P. Boddaert] [Anon].
- Peter Simon Pallas
- Date:
- [1770?]
Licence: Public Domain Mark
Credit: Dierkundige beschouwingen, eeniger soorten van zeldzame dieren, door naauwkeurige beschryvingen, afbeeldingen en verhandelingen opgeheldert / vertaald, met aanmerkingen verrykt en thans op nieuw in 't licht gebragt [door P. Boddaert] [Anon]. Source: Wellcome Collection.
157/226 page 29
![deze eindigd, door twee gevorkte geleedde llyltjes, en tufTchen deeze Haan ’er twee kleinere eenvoudige, het heeft agt pooten de voorfle naar vooren gekeerd, en die van het eerlle paar zyn wat dikker en die van het tweede paar zyn, als door teering vermagerd, de twee vol¬ gende paaren zyn iets kleiner dan die van het eerfte paar. De zes ag- terfle voeten zyn omgekeerd, en de laatfte op een na zyn zeer kort. Aan yder voet behalven aan de eerlte is een byhangzel ^ dat elsgewyze is, in het tweede paar, en in de andere langrond, onderden ftaart heeft het borflelhairige Jleeltjes gelyk de Vloo , het is wit met een bruinere flreep over den rug. In Moutwyn blyft het wit of word as- graauw. Oniscus Gammarellu^VissY.'Q^vt Krabbetje, dat zamen gedrukt isy het tweede paar voeten met fchaaren en zeer groot. Deze Zoort heeft de Heer Gronoviüs in zyn tuin onder planten met. de Steen-Piflebed in de maand February in overvloed gevonden^ ver van het water. Ik vond dezelve, doch zeldzaam aan flrand. Zy fchynt een middelzoort tulTchen de Rivier-Vloo en de Springer yheit is korter, dan de eerfte en langer dan de tweede, maar aan deze, door de kleinheid, van hoofd, meer gèlyk. De buiten fprieten zyn grooter dan in een ^n.beiden, en het tweede lid is voor al aanmerkelyk zynde groot, overal even breed, en van boven ruw, de middelfpreeten zyn zeer klein, gelyk in de Springer, daar zy in de Rivier-Vloo byna even groot zyn, het blykbaarfte kenmerk is in het tweede paar pooten, die met een groote, gezwollen, fchaar zonder nagels eindigen. De voe¬ ten van het vyfde paar zyn de kleinfte, en zyn zoo wel omgekeerd, als de zes volgende, die allengskens grooter worden. De vier agterfle, hebben platte bladagtige Dyen^ in Moutwyn word deze zoort wit, en gedroogd afchgraauw rood.. XXX By deze komt eene byzondere Zoort, welk ik de Buitelaar genoemd heb , om dat hy in de oppervlakte van het water hoofd en fpreeten voor uit fleekende wonderlyk buiteld. Oniscus Volutator, de BuitelAAR,'Zv^?f zamen gedrukt de buiten fprieten zeergroot. Ongewapende Kreeft die yder voorpoot elsgewyze heeft,, znder knobbels]en zeer lang,. Gronov. Zoophyl, II, p.232.No. ^^^.Qd')i Twee- (jd) [De Heer Linn^ï^us noemt dezelve of.dikpootige Kreeft .«geheel in leeden verdeeld met pooten zonder vingers, zoo lang als het ligchaam, Syji, XII,.p* 1055. doch heeft het nooit gezien, en ook heeft zyn Ed, de Fauna Suecica ’er niet by](https://iiif.wellcomecollection.org/image/b30519792_0157.jp2/full/800%2C/0/default.jpg)


