Dierkundige beschouwingen, eeniger soorten van zeldzame dieren, door naauwkeurige beschryvingen, afbeeldingen en verhandelingen opgeheldert / vertaald, met aanmerkingen verrykt en thans op nieuw in 't licht gebragt [door P. Boddaert] [Anon].
- Peter Simon Pallas
- Date:
- [1770?]
Licence: Public Domain Mark
Credit: Dierkundige beschouwingen, eeniger soorten van zeldzame dieren, door naauwkeurige beschryvingen, afbeeldingen en verhandelingen opgeheldert / vertaald, met aanmerkingen verrykt en thans op nieuw in 't licht gebragt [door P. Boddaert] [Anon]. Source: Wellcome Collection.
98/226 page 6
![LiNNiEüs koTineti brengen, en aan alle nieuwe naamen gegeeven, de ver- fchillende teekens der zoorten voor kenteekens der geflachten aanneemen- de, dewyl hy niet wift, dat de kenteekens der geflachten in de zoorten der zagtfchaalige oneindig verfchillen. Ook fchynt het, dat de Heer Linn/EUS, die de Zagtfchaaligen (by hem onder den te byzonderen naam van Wormen voorgefteld), in een rang- fchikking heeft zoeken te brengen (^, het oogmerk der Natuur in het bepalen der geflachten, niet genoeg heeft ingezien, en vooral wykt hy verre af van de natuurlyke order der Zachtfchaaligen. Het is wel niet te denken, dat men in onzen tyd de natuurlyke order zal konnen bepaalen (^r), wyl ’er niet alleen oneindig veele zoorten, maar misfchien geheele geflachten der Zachtfchaaligen onbekent zyn, niet te min zal een naauwkeurig Waarneemer reeds heldere vonken zien, van de order die de Natuur houd. Doch het is hier de plaats niet om dit breeder te be¬ handelen. De Zeerups, de Zeeduizendbeen Nereis en de Zandpyp Serpula, zyn by LiNN/nus als drie geflachten van Zachtfchaaligen aangemerkt, die zeer zeer na aan elkander komen, en bygevolg wat de zoorten aangaat moeije- lyk te bepaalen, echter heeft die groote man, de Zandpypen (i), als een ver- [De Heer Linn/eus bepaald de bende der Zachtfchaaligen aldus. Eenvoudige naakte Dieren, met leden voorzien, die geen Schulp hebben om in te woonen. Hier toe brengt hy de Slak Limax, den Zeehaas Lapl^jia^ de Doris, of Zee (lak, den Zee¬ rups De iVirms of Zeeduizendbeen, diH Jfcidia of Doedelzak, de Mini/i of Zeequal, de Teth'^s of Zeekonyn, het Bezaantje, Holothuria, A<^-Terehclla of Steen¬ worm, de Triton, de Lernaa of Vifchflak, de Scyllaa of Wierflak, de Clio, de SeptA of Zeekat, de Medufa of platte Zeequal, de Ajierias of Zeedar, en de Echinus ofZee- appel. Of nu de Zeekat, die in eene zoort van zak of fcheede woond, en van eene vafte vleefchachtige natuur is in den zelven rang met de geleyachtige Quabben, kan ge- plaatfl: worden; en of de Zeedar en Zee egel, naakte Dieren zyn, en niet eer tot de Hardfchaaligen behooren gebracht te worden, zal ik elders onderzoeken. B. ] (c) [Lang reeds hebben de Natuurkenners van eene natuurlyke order gefprooken; en de Heeren Bradley (^IVysgeer, Verhand,') en Bonnet (^traité de Infeêtolog.) hebben den Schakel gefchetzt, volgens welke men dezelve in het algemeen zoude moeten vin¬ den, doch in het byzondere deel van het Dieren en Delfbaarryk weet ik niet, dat ’er fchetzen voor handen zyn, in het groeibaare heeft de Heer Linnaeus meer dan twee der¬ de der Planten, volgens eene natuurlyke order niet ongelukkig gefchetzt. Zie Philof, Botan. pag. ^7» hq- en zyne Genera Plantarum. 1763. pag. 60^, fqq, om zulk een or¬ der te vinden, moet men alle de geflachten en zoorten kennen, en deze moeten met in eenfmeldngen, om zoo te fpreeken, in elkander loopen; Doch het is niet te denken dat deze verdeeling, die zeker de volmaakfte zoude zyn, ooit zal gevonden worden; Doch hier van elders nader. B ] (^) [De Zandpyp is een Steenworm, die eene eenfchalige rolronde darin^gewyze koker bewoond, die dikwyls in kamertjes verdeeld is. Zie Linn. Syfi, JtIL p, 1264., Gualt. ind. conch, tab. 10. fig. O. P. T, Q. S. L. N. M. Z. d’Argensv. conch, tab. 26. fig. H. I. D. G. Ellis Corall, tab. 38. f. 2. Bast. uitfpann, 2. tab. p. f. 5. 3. Seb. muf. 3. tab, 100. f. 3. Rumph. Amh, Kariteitk^ tab. 41. fig. H. I. 7. hier](https://iiif.wellcomecollection.org/image/b30519792_0098.jp2/full/800%2C/0/default.jpg)


